30. mei, 2013

Vrijwilligers (februari 2013)

 

Het is wat, als je paard vrijwilliger is bij het Cavalerie Ere-Escorte (CEE). Dan sta je dus ineens op een ijskoude decemberdag je smerige Tinker te wassen. Want meneer moet morgen deelnemen aan een belangrijke militaire ceremonie. Hartstikke leuk natuurlijk, maar aan de andere kant is het geen pretje om middenin de winter een Tinkerbeest wit te krijgen.

Zeker niet als het bonte beest allerlei extra (door hemzelf gemaakte) vlekken heeft, zijn sokken en staart vol modder en stront zitten, de waterleiding op stal bevroren is en er dus vanuit de keuken met emmertjes warm water gesleept moet worden… Maar ja, je moet er wat voor over hebben om een ‘koninklijke knol’ te mogen huisvesten en verzorgen, neem ik aan.

 

De volgende dag mocht ‘majoor’ Gijs aan de bak. Hij maakte op een ijskoude veertiende december acte de préséance tijdens een groots opgezette militaire ceremonie. Deze vond plaats in ’t Harde, op de Legerplaats bij Oldebroek. Hier was het Regiment Huzaren, Huzaren van Boreel (RHHB) bijeen, omdat er een commando-overdracht plaats vond. Het commando over het Regiment Huzaren en over het Joint ISTAR ging over van kolonel Harold de Jong naar kolonel Rob van Zanten.

De reden voor de aanwezigheid van het CEE:  ook het Cavalerie Ere-Escorte en het Fanfarekorps Koninklijke Landmacht “Bereden Wapens” werden opgenomen in het Regiment Huzaren. Dit alles als gevolg van de zoveelste bezuinigingsronde (en dus inkrimping) bij Defensie. Daarnaast kreeg het CEE op deze dag ook een nieuwe ‘baas’. Luitenant-Kolonel Harry Kampen gaf na vijf jaar het commando van het Ere-Escorte over aan ranggenoot Jeroen Teunissen.

 

Voor ‘gewone burgers’ zoals wij is zo’n grootse militaire ceremonie altijd een beetje vreemd. Een plechtige sfeer, mannen en vrouwen in formele uniformen die voortdurend in- en uit de houding springen of marcheren op basis van geschreeuwde (maar meestal toch onverstaanbare) commando’s en zeer officieel klinkende - maar door al het jargon grotendeels onbegrijpelijke - speeches.

En stilstaan, veel en lang stilstaan. Dit tot grote ergernis van onze Gijs, die vond dat deze ijzige winterdag veel beter geschikt was voor beweging. Zijn berijder, huzaar Gert van den Hof, had op deze dag dan ook het nodige te stellen met onze doorgaans zo brave, bonte vriend!

 

Wat ik aan deze ceremonie overhield was een treurig gevoel. Want wat je mening ook is over ons leger, deze mensen zetten zich naar beste kunnen in voor ons land. Als beloning daarvoor zitten ze al jaren in het verdomhoekje: de ene bezuiniging volgt op de andere. En in tegenstelling tot het onderwijs en de zorg lijken maar weinig mensen buiten Defensie zich druk te maken om deze verschraling. Ik kan me zo voorstellen dat de gemiddelde Nederlandse beroepsmilitair pijnlijk getroffen is door dit gebrek aan erkenning.

Met de bezuinigingen gaan ook de nodige mooie tradities verloren. Zo liet het enige fulltime professionele militaire fanfareorkest ter wereld op 14 december nog eenmaal van zich horen. Dit beroepsfanfarekorps houdt per 31 december 2012 helaas op te bestaan. Als ik het goed begrijp  betekent dit dat de Nederlandse militaire fanfaremuziek het voortaan - net als de cavalerie - zal moeten hebben van goedwillende vrijwilligers. En dat is zonde. Hoe leuk wij het ook vinden om onze Gijs als vrijwillig paukenpaard te zien optreden.

 

Deze column is eerder gepubliceerd in de Battie, het blad van het Nederlands Stamboek voor Tinkers.